Een stadswoning in Mechelen met een prachtige, beschermde gevel, maar binnen smal, donker en zonder historische waarde. Hoe pak je dat aan? De eigenaar vond ons via Instagram en reed er graag voor naar West-Vlaanderen.
Van de jaren dertig naar nu
De inkomhal met zijn authentieke trap en radiatorkast ademt nog de sfeer van de jaren dertig. Een boogdeur met kathedraalglas leidt naar de woning zelf. Binnen herhaalden we die boogvorm en trokken we de schildertechniek van de inkom door. Zo is er nergens een harde breuk tussen art deco en vandaag. Je stapt er in één vloeiende beweging doorheen.
Meer licht, meer lucht
Wat er in de loop der jaren was bijgebouwd, had geen waarde en ging eruit. Nieuwe raampartijen brengen veel meer daglicht binnen. In de woonkamer werkt een haardmeubel op een natuurstenen sokkel als roomdivider. De leefkeuken, met een tafel van zevenhonderd kilo, is het hart van het huis. Voor het gezin, voor vrienden en voor zakelijke gasten.
De tijd vergeten
Boven kijkt de mastersuite uit op een zee van groen, midden in de stad. Precies dat gevoel zoeken we in elk interieur: dat je thuis de tijd vergeet. Daarom werken we met organische vormen en ronden we hoeken af. Oneffenheden brengen enkel visuele onrust.
Plannen die op zichzelf staan
De bewoner werkt zelf in de bouwsector en volgde de werf op eigen houtje op. Onze plannen waren gedetailleerd genoeg om dat mogelijk te maken. Ook zo kan het: het ontwerp bij ons, de uitvoering in eigen handen.
Tekst Jeroen Kuypers, fotografie Yannick Milpas en Katoo Peeters. Het volledige artikel lees je hieronder.